‘Innovatieve koplopers moeten geld krijgen om te groeien’

Ebbinge stelt leiders van vandaag en morgen de vragen die er echt toe doen. Deze keer Willemijn Verloop, founding partner van Rubio Impact Ventures.

echte-vragen

Wat was je eerste baantje?
Leonidas bonbons verkopen in Bilthoven. Om weg te komen uit dit conservatieve dorp zat ik in Utrecht op de middelbare school. In het maken van die doosje met strikjes was ik niet zo goed. Later werkte ik vooral in de horeca. Hier leerde ik wat je teweegbrengt bij de mensen die je bedient als je positief en vrolijk bent. Dat je terugkrijgt wat je geeft. Als ik een dag slecht in m’n vel zat, had zoveel minder leuke interacties. Die positieve interacties drijven mij.

Hoe leg je aan een kind uit wat je doet?
Als ik het in één zin moet zeggen: het ondersteunen van mensen en bedrijven die de wereld beter willen maken. Ik heb drie organisaties opgericht in mijn leven, allen gericht op impact maken voor anderen: een hulporganisatie, WarChild, het eerste landelijke netwerk voor sociaal ondernemers, Social Enterprise NL en een investeringsfonds, Social Impact Ventures, dat nu Rubio heet. Mijn kinderen zijn 11, 14 en 16 jaar oud. De jongste begrijpt al wat het woord investeren betekent.

Waar kijk je met trots op terug?
Het gelukkigst word ik van mensen die de impact hebben gevoeld van iets waar ik bij betrokken ben. WarChild bestond afgelopen oktober 25 jaar. De organisatie is een aantal jongeren gaan opzoeken met wie we werkten toen we net gestart waren. Dat zijn voor mij hele bijzondere momenten, want dan hoor je van 35-jarigen wat wij voor hen als 10-jarige betekenden, toen ze midden in een oorlog zaten.

Wat is je grote droom?
Ik barst van de dromen, het zou rustiger zijn als ik er wat minder had. Er is nog zoveel waar ik aan wil bijdragen. Het oprichten van een investeringsfonds, samen met een geweldig team, is zo belangrijk vanwege de enorme invloed van geld op de verandering die nodig is in de wereld. Als er andere voorwaarden gelden voor geldstromen waarmee we onze samenleving bouwen, dan kan hier een enorme verandering vanuit gaan. Als geldstromen niet langer naar de vervuiler gaan bijvoorbeeld. Ik geloof dat innovatieve impact gedreven ondernemers, ofwel koppige gekken die tegen de stroom in durven te roeien, groeigeld moeten krijgen om systeemverandering aan te jagen.

Wat maakt jou een goede leider?
Alles wat ik heb gedaan wat succesvol is geworden is gelukt vanwege teams met getalenteerde mensen die vreselijk goed ergens in zijn, veel beter dan ik. In mijn eentje kan ik niets. Mijn talent is durven, niet bang zijn voor beren op de weg. Ik startte WarChild als historica van 23, zonder kennis over oorlogsgebieden. Het lukt me om mensen mee te krijgen die heel goed zijn in onderdelen van wat we moeten bouwen. Waar ik de komende jaren naar toe wil: minder zelf doen en nog meer doorgeven, coachen. Mijn kracht inzetten om anderen te laten vliegen.

Wat wil je met een investeringsfonds veranderen aan de status quo?
Ik wil naar een inclusieve, circulaire samenleving. Ik ben een rasoptimist, maar vind dat deze verandering lang niet snel genoeg gaat. Als impact investeerder kunnen we die verandering aanjagen, omdat we sturen op zowel meetbare impact als financiële targets. Denk bij meetbare impact aan bijvoorbeeld aan lagere CO2-uitstoot, of banen voor mensen die eerst langdurig werkloos waren of onder de armoedegrens leefden. Er was tot kort geleden geen fonds dat zichzelf ook op zulke impact targets afrekende, dat vond men te lastig, maar wij laten dagelijks zien dat het kan. Onlangs wonnen we de prijs voor de beste impactinvesteerder van Europa, uit een selectie van 300 fondsen, best wel cool.

In wat voor bedrijven wil je het liefst investeren?
In bedrijven die met hun impact potentieel een hele waardeketen kunnen veranderen, ook wel systeemverandering genoemd. De missie van een onderneming moet gericht zijn op een theory of change, een werkelijke verandering in de samenleving, in een ondernemend en zeer schaalbaar businessmodel. Het liefst zie je dat die missie wordt uitgevoerd door een divers team, omdat die de hoogste kans op succes hebben. Ons portfolio heeft weliswaar een bovengemiddeld aandeel vrouwelijke ondernemers, maar mannen blijven in de meerderheid. Statistisch zie je helaas nog steeds dat veel minder vrouwen zich aanmelden als ondernemer bij de KvK.

Wat is het beste advies wat je ooit hebt gekregen over leiderschap?
Maarten van Dijk, voorzitter van mijn bestuur bij WarChild, gaf me advies om zo dicht mogelijk bij mezelf te blijven. In onze sector maakten mannen met baarden toen nog de dienst uit. Als jong meisje met lang blond haar werd ik niet altijd meteen serieus genomen. Ik vroeg me af of wat ik ter tafel bracht wel goed genoeg was en ging me anders voordoen om beter in het plaatje te passen. Dat heb ik snel weer teruggedraaid, authenticiteit is uiteindelijk de basis om mensen mee te krijgen in verandering.

Van welke misstap heb je veel geleerd?
Toen ik begon met WarChild bouwen dacht ik: alles moet anders. Andere organisaties reden in dure Jeeps, met hun logo’s erop en ik dacht: dat daar je geld in gaat zitten! Daar ageerde ik tegen in de media. Tot we voor het eerst collega’s verloren aan ongelukken op de weg. De realiteit van werken in bepaalde landen is dat je bijna net zoveel mensen verliest in het verkeer als aan ziekte. Als je een goede werkgever wilt zijn heb je zulke auto’s gewoon nodig, het gaat om de veiligheid van je mensen.

Stel dat je een nieuwe wet mag invoeren, wat zou die dan bepalen?
Meer belasting op grondstoffen en minder op arbeid. Dat heeft effect op ongelooflijk veel componenten in de samenleving waardoor mensen meer kansen krijgen en de natuur minder wordt uitgebuit.

Van welke karaktereigenschap zou je graag afscheid nemen?
Ik sta bekend om mijn hoogrendementsvragen. Hop, meteen op de kern van de zaak af. Daar word ik ook privé mee geplaagd. En ik kan heel beïnvloedend zijn en heb de neiging meteen creatieve oplossingen aan te dragen. Daarmee snijd ik anderen soms de pas af, ik moet meer naar de achtergrond zodat iedereen de kans krijgt om zijn geluid te laten horen. Ik probeer mezelf aan te leren als laatste m’n mening te geven.

Welke scene mag niet ontbreken in een film over jouw leven?
Gesluierd en wel op audiëntie bij president Karzai in Afghanistan, een bizarre setting in een paleis in Kabul met waanzinnig veel gewapende beveiliging. Karzai was charmant en slim. Om als kleine NGO uit Nederland in gesprek te gaan met de president over de staat van het onderwijs in zijn land, dat blijft je bij.